Wetenswaardigheden over
pinda-allergie

 

Pinda allergie ; Hartkloppingen huid jeuk irritatie ; http://www.allergologie.nl/Pinda_allergie.htm

Alergia de Mani ; Latido rápido del corazón y irritación de la piel   http://www.mihijo.com/alergia.htm

Peanut allergy ; Rapid heartbeat and skin irritation http://www.allergyasthma.on.ca/peanut1.htm

Zet Uw symptomen op deze website;
Coloca tus síntomas en esta paginaweb;
Put your symptoms on this website;

Email PindaAllergie@Yahoo.com

Daniel Huisman 2-07-2003;
Na erg veel Pindas gegeten te hebben kreeg ik een paar kleine puistjes op mijn armen waar een beetje pus uit kwam als ik ze uitdrukkte voor 2 weken, maar die gingen vanzelf over ondanks dat ik Pindas bleef eten want ik had nog niet door dat de Pindas de oorzaak was. Ik kreeg hart kloppingen en die werden steeds erger nadat ik meer Pindas at, ik kon zelfs moeilijk slapen snachts en moe overdag. Ook een drukkend gevoel op mijn borstbeen en een drukkend gevoel onder mijn strottehoofd in mijn keel. Het duurde een maand voordat ik op het internet in de Yahoo zoek machine "Pinda Hartkloppingen" invulde dat ik bovenstaande websites vond. God zij dank wat een opluchting letterlijk en figuurlijk. Nu weet ik dat ik geen Pindas meer kan eten.

Daniel Huisman 2-07-2003;
Después de comer muchos Cacahuetes y Maní yo conseguí unos granos pequeños en mi piel en mis brazos fuera de que algún pus vino cuando yo los apreté durante 2 semanas, pero se curaron y fueron aunque yo seguí comiendo Maní porque yo no supe que Maní era la causa. Yo también me sentía el latido del corazón rápido y se pusieron más peores después de comer más Maní. Dificultad de dormirme por la noche y cansado por el día. Yo sentía una presión en mi hueso del pecho y presiono bajo mi cordón vocal bajo mi garganta. Tomó un mes antes de que yo encontrara la respuesta en el Internet después de teclear el "Maní Latido del corazón Rápido" en el Yahoo Búsqueda, y yo encontré los sitioweb arriba. Gracias a Dios para este alivio. Ahora yo sé que yo no debo comer mas Maní ya.

Daniel Huisman 2-07-2003;
After eating a lot of Peanuts I got a few little pimples on my skin on my arms out of which some pus came when I squeezed them for 2 weeks, but the cured and left even though I kept eating Peanuts because I did not know that Peanuts was the cause. I also felt rapid heart beating and it got worse after eating more peanuts. Difficulty sleeping at night and tired in the daytime. I felt a pressure on my chest bone and pressure under my vocal cord under my throat. It took a month before I found the answer on the internet after typing "Peanut Rapid Heartbeat" into the Yahoo Search Engine, and I found the websites above. Thank God for this relief. Now I know I should not eat anymore Peanuts.

 

 

  Voedselallergie is een vorm van voedselovergevoeligheid waarbij het specifieke afweersysteem actief betrokken is; vrijwel altijd betreft het immunoglobuline E gemedieerde reacties ofwel atopische voedselallergie. 

Inleiding

  De klachten van atopische voedselallergie kunnen ingedeeld worden naar de mate van uitgebreidheid en ernst. Plaatselijke reacties ontstaan daar waar het voedingsmiddel in contact komt met het lichaam (huid of mond). Een voorbeeld hiervan is het oraal allergiesyndroom waarbij jeukklachten in de mond/keelholte ontstaan tijdens het eten van sommige fruitsoorten en noten. Wanneer de overgevoeligheidsverschijnselen zich daarentegen niet beperken tot de contactplaats met het voedingsmiddel, spreken we van algemene ofwel anafylactische reacties. Kenmerkend voor een dergelijke reactie is het plotse en snelle ontstaan van klachten in meerdere organen en de noodzaak tot een snelle behandeling vanwege het vaak ernstige verloop. Deze acute en potentieel levensbedreigende reacties komen ook oor bij een allergie voor bijvoorbeeld insectengif, latex en geneesmiddelen. Voor al die ernstige overgevoeligheidsreacties wordt ook wel de verzamelterm “anafylaxis” gebruikt.

  Bij kinderen zijn vooral koemelk, kippeneiwit, pinda en noten een belangrijke oorzaak voor atopische voedselallergie. Bij volwassenen zijn naast pinda en noten ook vis, schaal-en schelpdieren, zaden, fruit- en groentesoorten veelvuldig betrokken.

  Pinda-allergie is een van de meest voorkomende oorzaken van voedselanafylactische reacties. Bij voedselallergische reacties met een dodelijke afloop is de pinda zelfs het meest frequente voedselallergeen (ref 1, 2, 3, 4). Dit artikel beoogt antwoorden te geven op vragen over pinda-allergie die werden gesteld in de column van Netty Bogers (ref 5).

 Bevolkingsgegevens 

  Geschat wordt dat atopische voedselallergie voorkomt bij 6-8 % van alle kinderen en bij 2 % van de volwassen bevolking. Bij kinderen met constitutioneel eczeem wordt de frequentie hoger ingeschat, tot zelfs 60 %. Parallel aan de stijging van allergische ziekten in het algemeen zijn er ook aanwijzingen voor een toename van voedselallergie, vooral het aan hooikoorts gerelateerde oraal allergiesyndroom.

  Exacte cijfers zijn er niet. In een Amerikaanse studie werd geschat dat 0,7 % van de bevolking een pinda-allergie heeft. Deze bevindingen komen redelijk overeen met een schatting van 0,61 % in een recent Engels onderzoek. Er zijn aanwijzingen  voor een verdere toename van pinda/allergie onder de bevolking. (ref 6, 7 ,8, 9).

 Kliniek 

  Voor een beknopt overzicht van de kenmerken van atopische voedselallergie in relatie tot uitgebreidheid en ernst van de reacties wordt verwezen naar de tabel. Voor een meer uitgebreide beschrijving van klachten en verschijnselen wordt verwezen naar de literatuur (ref 1,2). Een pinda-allergie kan mild en plaatselijk zijn en betekent niet per definitie altijd een ernstige algemene reactie. Een anafylactische pindareactie begint vaak met een onbestemd doemgevoel en min of meer uitgebreide huidreacties als galbulten, roodheid, jeuk en zwellingen. Vaak zijn er ook maag/darmklachten zoals buikpijn, braken en diarree. Levensbedreigend worden de reacties bij betrokkenheid van de luchtwegen (tong/keelzwellingen, astma) en van het hart en/of vaatstelsel (shock). Sinds 1982 zijn er regelmatig medische publicaties verschenen over bijna fatale reacties door pinda-allergie.

  Na een eenmaal doorgemaakte voedselanafylactische reactie is de kans groot op herhalingsreacties bij hernieuwd contact met het bewuste voedingsmiddel. Of dit altijd gebeurt, is niet helemaal zeker. Een herhalingsreactie hoeft niet maar kan wel, ernstiger verlopen dan de voorafgaande reactie. Dit laatste is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder de allergeendosis, het hebben van astma, alcoholgebruik, lichamelijke inspanning en het gebruik van sommige medicijnen. Bij een pinda/allergie kan het eten van een geringe hoeveelheid pindamateriaal in principe al een anafylactische shockreactie veroorzaken. Anderzijds is er voor pinda-allergie ook een dosisresponsfenomeen beschreven, dat wil zeggen hoe meer pinda je eet des te heftiger de reactie. Deze verschillen in “triggerdosis“ worden nadrukkelijk beschreven als het gaat over patiënten die al kunnen reageren bij het ruiken van pinda. De tijdspanne tussen het eten van pinda en het ontstaan van de allergische reactie geeft nogal eens verwarring. In principe geldt dat hoe korter die tijdspanne is, des te heftiger de reactie. Maar er kunnen ook nog reacties ontstaan uren na het eten van pinda.

  Er zijn onderzoeken gedaan naar het natuurlijk verloop van pinda-allergie. Daaruit wordt geconcludeerd dat een pinda-allergie niet overgaat en een levenslang probleem blijft. In een enkel onderzoek werd evenwel aangetoond dat bij sommige pinda-allergiepatiënten over een tijdspanne van jaren de ernst van de reactie kan afnemen danwel verdwijnen.  

Biologie en industrie 

  De pinda (Arachis hypogea, ook wel aardnoot of apenoot genoemd) is geen echte noot, maar een ondergronds groeiende peulvrucht afkomstig uit de botanische familie van de Leguminosae (peulvruchtachtigen). Andere bekende leden uit deze familie zijn bonen, linzen, erwten, sojabonen, carobe, alfalfa, guar, tragacanth, fenegriek en senna

LINZEN SOJABONEN ALFALFA GUAR-BOON SENNA

  Oorspronkelijk afkomstig uit Zuid-Amerika, wordt de pinda momenteel op grote schaal gecultiveerd in Afrika en Noord-Amerika. Het gebruik van pinda als voedingsmiddel, als additief (pindameel/schroot) in andere voedingsmiddelen en als bron voor voedingsolie is sterk afgenomen in de laatste drie decennia. Niet alleen de voedingsindustrie maar ook de farmaceutische en de cosmetische industrie maken gebruik van pindamateriaal in geneesmiddelen, vitaminepreparaten, zuigelingenvoeding, huidverzorgingcrèmes en shampoos. Ook verwerking in plastics, lijmsoorten en linoleum komt voor.

  In 1981 werd een artikel gepubliceerd over de veiligheid van pindaolie voor pinda-allergische patiënten. Sindsdien  is die mening aangepast. Zuivere pindaolie zou in principe geen pinda-allergenen mogen bevatten, maar afhankelijk van de productieprocessen blijkt dit in de praktijk helaas anders uit te vallen.Ongeraffineerde pindaolie bevat nog pinda-allergenen; deze olie wordt soms gebruikt in margarines, bakolie, slaolie en ijs. Bij de geperste olie is er een verschil tussen koude persingen (bevatten pinda-allergeen) en hete persingen (veelal geen aantoonbaar pinda-allergeen). Helaas wordt al deze informatie niet vermeld op de verpakkingen van producten, zodat patiënten die geconfronteerd worden met termen als plantaardige olie, arachisolie en pindaolie niet met zekerheid die producten veilig kunnen gebruiken. In de meeste gevallen wordt dan ook aangeraden: "bij twijfel vermijden". Pinda wordt veel gebruikt in de voedingsindustrie. Het zijn vooral de verborgen pindabestanddelen die, verwerkt in de maaltijden, risico´s opleveren voor (herhalings-) reacties. Pinda-allergenen zijn hittestabiel; dit wil zeggen dat roosteren geen invloed heeft op de allergeniciteit.

Immunologie

  De beruchtste allergenen van de pinda zijn suikereiwitmoleculen die Ara h 1, Ara h 2 en Ara h 3 worden genoemd. Vooral het eiwitgedeelte zorgt voor de klinisch allergische reactie. Een aantal van de suikergroepen kan er de oorzaak van zijn dat veel pinda-allergische patiënten ook positieve allergietesten vertonen voor overige peulvruchten. Dit wordt kruisreactiviteit genoemd en dit fenomeen is niet zelden een oorzaak van onnodig zware vermijddiëten. Slechts zelden heeft een pinda-allergiepatiënt ook allergische reacties voor soja, bonen of erwten. Ditzelfde fenomeen (kruisreactiviteit) zorgt ervoor dat veel patiënten met graspollenallergie een positieve allergietest hebben voor pinda, evenwel zonder dat het eten van pinda daadwerkelijk klachten geeft. Samenvattend betekent een positieve pinda-allergietest niet altijd dat er daadwerkelijk sprake is van een echte pinda-allergie.  

Diagnose

  Diagnose van voedselallergie is vooral gebaseerd op het verhaal van de patiënt of de ouders (de zogenaamde anamnese), waar mogelijk aangevuld met gegevens van de BO of de behandelend arts. Dit vormt de leidraad voor het aanvullend onderzoek dat is gericht op het aantonen van het specifiek immuunglobuline E (huidtest, RAST-test). Een provocatie-onderzoek vormt “de gouden standaard”voor de diagnose, vooral wanneer anamnese, huidtest en bloedonderzoek geen eenduidig resultaat geven.Een provocatie-onderzoek betekent het opnieuw toedienen van het verdachte voedingsmiddel om daarmee onder gecontroleerde omstandigheden de reactie opnieuw te laten optreden. Een voedselprovocatie is een tijdrovende testmethode en kan belastend en gevaarlijk zijn. Deze onderzoeksmethode is niet gestandaardiseerd, dat wil zeggen niet uniform qua procedure, materiaal, doseringen en uitkomstmaten, zodat de betrouwbaarheid ervan nog te wensen overlaat. Een Amerikaans onderzoek liet zien dat deze “gouden standaard”in de praktijk dan ook niet altijd wordt gebruikt
 (
ref 12).

  In het geval van een eerder doorgemaakte ernstige anafylactische reactie is een provocatie-onderzoek vaak niet wenselijk. In dat geval wordt een nauwkeurige anamnese, aangevuld met een positieve huidtest en RAST-test, als voldoende bewijs beschouwd voor het stellen van de diagnose.

 Symptomen van voedselallergie ingedeeld naar plaats en ernst

Lokaal
Oraal Allergie Syndroom Jeuk in mond/keelholte, jeukende lippen, soms milde zwelling van de tong
Contact Urticaria Jeuk, roodheid, galbulten
Eczeem  
Algemeen  
Graad I Huidklachten
Jeuk, roodheid, zwelling, galbulten
Graad II Graad I + maagdarmklachten
Misselijkheid, buikkramp, braken, diarree
Graad III Graad I en/of II + luchtwegklachten
Benauwdheid, obstructieve tongzwelling, astma
Graad IV Graad I-III + hartvaatstelselklachten
Hartkloppingen, wegraking, shock

Behandeling

  Na een doorgemaakte anafylactische reactie is de vervolgbehandeling gericht op het voorkomen van herhalingsreacties. Vermijding van het oorzakelijk voedselallergeen is essentieel.  Door een correcte diagnose is gerichte vermijding mogelijk (eliminatiedieet).
Tevens dient een noodplan gemaakt te worden voor het geval dat de vermijding onverhoopt misloopt (noodmedicatie). Andere behandelingmethoden zoals orale en cutane (via de mond resp. de huid) desensibilisatie zijn onderzocht en niet werkzaam gebleken. Het innemen van beschermende medicijnen voorafgaand aan een risicomaaltijd (bijv. eten in een restaurant) lijkt ook een beveiligingsmogelijkheid.
Het preventief gebruik van een antihistaminicum of cromoglycaat (Nalcrom®) blijkt het optreden van een voedselanafylaxis evenwel niet te kunnen voorkomen; in sommige gevallen kan dit mogelijk wel de ernst van de reactie enigszins beperken.  Als vaststaat dat het om een pinda-allergie gaat, vormt vermijding van de boosdoener de hoeksteen van de verdere behandeling. Of rigoureuze en levenslange vermijding ook moet gelden voor alle gevallen van milde en plaatselijke reacties is niet helemaal duidelijk. Enerzijds is er begrip voor de belasting van vermijdingsdiëten voor de patiënt, anderzijds is er bezorgdheid over een mogelijke toename van ernst van de reactie bij doorgaand pindacontact (hoe miniem ook). Volledige dieeteliminatie is moeilijk. De hulp van een deskundig diëtist is hierbij vaak onontbeerlijk. Een nauwgezette vermijding van de pinda levert in de praktijk toch nog risico’s door de verborgen pindabestanddelen in de voeding. Bij kinderen kan het door onwetendheid (peuters/kleuters) en soms ook door nonchalance (pubers) wel eens misgaan. De behandeling van een anafylactische reactie begint bij herkenning van het ziektebeeld, staken van allergeencontact, waarschuwen van arts en omstanders en vervolgens afhankelijk van de ernst van de reactie directe behandeling vn noodmedicijnen.

  Wanneer er na pindacontact een anafylactische reactie ontstaat, kan er bij milde, niet-levensbedreigende (zie tabel: graad I algemene) klachten een antihistaminicum worden toegediend. Om voor een snelle werking van dit medicijn te zorgen wordt hiervoor wel eens een injectie gegeven met Tavegil ®; dit is een antihistaminicum in vloeibare vorm voor inspuiting in een bloedvat of spier. Het is zeker niet noodzakelijk om dit antihistaminicum altijd te injecteren. Afhankelijk van de ernst van de klachten kan het medicijn ook in tabletvorm ingenomen worden; in dit laatste geval zijn er medisch geen duidelijk bewezen voorkeuren voor een bepaald merk antihistaminicum. Ook andere en meer moderne antihistaminetabletten (zoals bijv. Telfast ®, Zyrtec ® of Claritine ®) kunnen hiervoor gebruikt worden.

  Vaak wordt ook een bijnierschorshormoon in tabletvorm of per injectie toegediend. Van deze medicijnen zijn er vele soorten en merken; vaak wordt gebruik gemaakt van predniso(lo)n Een bespreking over de keuze hiervoor en de werking hiervan valt buiten het bestek van dit artikel. Bij acute levensbedreigende (zie tabel: graad III of IV) anafylaxis is adrenaline het geneesmiddel van eerste keus en prompte toediening hiervan is aangewezen. Adrenaline vermijdt de luchtwegen en laat de bloeddruk stijgen door vernauwing van bloedvaten en stimulering van de hartwerking. In noodsituaties is het injecteren van een adrenalineoplossing  na optrekken uit een ampul door de patiënt zelf of door niet-medisch personeel moeilijk en tijdverslindend. Daarom zijn er momenteel voorgevulde adrenalinepennen met een automatisch injectiemechanisme (Epipen ®, Anapen ®) verkrijgbaar voor toediening in de spier. Voor kleine kinderen zijn er speciale pennen op de markt met een afgepaste dosis op basis van het lichaamsgewicht. De patiënten of de ouders (in het geval van kleine kinderen) moeten geïnstrueerd en getraind worden in het gebruik van de automatische injectiepen. Het gebruik van de pen betekent per definitie dat de reactie zeer ernstig is of als zeer ernstig wordt ingeschat. In alle gevallen moet er na gebruik van de pen zo spoedig mogelijk medische controle en indien nodig verdere behandeling plaatsvinden. Het kan gebeuren dat door een verkeerde inschatting van de ernst van de reactie de pen gebruikt werd terwijl dit achteraf niet noodzakelijk blijkt. Behoudens soms kortdurend hartkloppingen, spiertrillingen, een gejaagd gevoel en hoofdpijn, levert dit in de meeste gevallen evenwel geen ernstige nevenwerkingen op. Deze verschijnselen kunnen wel risico opleveren bij mensen met reeds bestaande aandoeningen, zoals bijvoorbeeld bij patiënten  met hartritmestoornissen, verhoogde oogboldruk en onbehandeld schildklierlijden. Over het voorschrijven van adrenaline bij anafylaxis zijn in Europees verband afspraken gemaakt (ref 13). Als regel geldt dat er in principe geen absolute contra-indicaties zijn voor het gebruik van adrenaline bij een levensbedreigende anafylactische reactie en dat vertraging van correcte toediening in dergelijke situaties ernstige, mogelijk zelfs fatale gevolgen kan hebben.

Aanvullend beleid

  Naast vermijding (dieetbehandeling) en noodmedicatie zijn er in het kader van het anafylaxisbeleid nog aanvullende adviezen nodig, bijvoorbeeld over het informeren van de sociale omgeving, het herkenbaar maken van de aandoening voor hulpverleners in situaties waarin je daar zelf niet toe in staat bent (dragen van een “Witte Kruis Alarmpenning”of “SOS-penning”) en het leren om op een mogelijke blootstelling aan pinda te anticiperen. Belangrijk in dit aanvullend beleid bij pinda-allergie zijn gedegen informatie, educatie en continue waakzaamheid wat betreft onverwacht pindacontact. Bij deze laatste aspecten is de ervaringsdeskundigheid van de patiëntenvereniging (Stichting Voedselallergie) belangrijk. Overdracht van kennis en adviezen vindt plaats middels informatiefolders, bijeenkomsten, lezingen en in persoonlijke contacten. Daarbij valt te denken, naast voorlichting over voedselallergie in het algemeen, aan zaken als practische adviezen over boodschappen doen en het kritische lezen van productetiketten, plannen van restaurantbezoek en vakanties, enzovoort. In het kader van pinda-allergie is de rol van de patiëntenvereniging minstens even belangrijk bij grootschaliger projecten zoals het aandringen bij de overheid op wettelijke regelingen voor etiketinformatie op de voedingsproducten; alle voedingsmiddelen, zelfs die waarin zeer geringe hoeveelheden pinda (of andere beruchte voedingsallergenen) verwerkt worden, dienen volledig en duidelijk geëtiketteerd te zijn. Ook is er een belangrijke taak voor de vereniging als spreekbuis voor de belangenbehartiging van patiënten bij de voedingsindustrie om veiligheidsgaranties te eisen in de productieprocessen, zodat er geen kruisbesmetting met pindabevattende bestanddelen kan optreden tijdens bijvoorbeeld schoonmaak van productiebanden of tijdens het verpakken van voedingsproducten. In landen als Canada en de USA is men al verder gevorderd met dit soort regelingen dan in Europese landen Naar aanleiding van berichten over scholen waar kinderen met voedselanafylaxis als leerling geweigerd werden en ook berichten uit de vliegtuigindustrie over problemen met pinda-anafylaxis tijdens commerciële vluchten, zijn er ontwikkelingen in gang gezet voor specifieke voorlichting aan de betreffende autoriteiten en over de aanwezigheid en het gebruik van de automatische adrenalinepen op school of in het vliegtuig. De richtlijnontwikkeling wordt evenwel gehinderd door ingewikkelde juridische (aansprakelijkheids-) en verzekeringstechnische problemen.

 Toekomstbeleid

  Voorkomen is beter dan genezen. Bij voedselallergie is genezing in letterlijke zin in principe niet mogelijk. In binnen-en buitenland wordt dan ook veel onderzoek gedaan naar preventie van allergie in het algemeen en van voedselallergie in het bijzonder. Pinda-allergie  kan al voorkomen bij zeer jonde kinderen; vooral bij kinderen met een atopisch belaste familie (zogenaamde “high-risk”- kinderen, waarbij een of beide ouders reeds bekend zijn met allergie). Primaire preventiemaatregelen bij deze kinderen moeten gericht zijn op het voorkomen van de ontwikkeling van pinda-allergische stoffen. Daartoe moeten eerst belangrijke vragen opgelost worden, zoals waarom bij voedselallergische mensen geen tolerantie aanwezig is voor de betreffende voedingsmiddelen en vragen over het tijdstip en de manier waarop deze antistoffen ontstaan  in het afweersysteem. De antwoorden op dit soort vraagstukken leveren in de toekomst hopelijk de bouwstenen voor effectieve preventie. Ook wordt er onderzoek gedaan naar genetisch gemodificeerde voeding. In de voedingsindustrie wordt deze biotechnologie al gebruikt.Een van de gunstige mogelijkheden van genetische  voedselmanipulatie kan zijn om allergene eiwitfracties in sommige voedingsmiddelen te veranderen, zodat ze geen allergiegevaar meer opleveren. Tot nu toe zijn echter de resultaten met bijvoorbeeld genetisch gemanipuleerde hypoallergene rijst en soja nog controversieel. Gevaren van biotechnologie kunnen averechtse effecten zijn, zoals het fabriceren van nieuwe voedingsmiddelen  die juist allergeen zijn.

  Al met al zal het nog wel enige tijd duren voordat een pinda-allergische patiënt  niet meer ziek wordt van gezond eten.

 

 


Counter
1